Hoe het begon

In het najaar van 1964 werden de eerste stappen genomen om in Uden een carnavalsstichting op te richten.

De heer Antoon van Acquoy † trok de stoute schoenen aan om bij burgemeester Schampers hiervoor medewerking te verzoeken. Hiertoe was de burgemeester graag bereid. Zo kon er een jaar worden gewerkt om het Udense carnaval gestalte te geven.

Gekozen werd voor de naam Knoerissen hetgeen varkens betekent op z'n Ujes. In Uden was vroeger een wekelijkse varkensmarkt, ook wel Baggemért genoemd. Voor de dames werd er een andere naam gekozen, namelijk Mieneke, hetgeen geitje betekent. En voor de jeugd werd het toepasselijke Krulstertje verzonnen. Alle Udenaren hadden nu een carnavaleske naam gekregen. Zo werd in het najaar van 1965 Carnavalsstichting de Knoerissen opgericht. De namen knoeris en mieneke komen voor in het Ujes volkslied.

Nu nog de allerbelangrijkste figuur van het carnaval: de Prins! Al vlug vond men de link naar het Latijnse Porcellus, hetgeen varkentje betekent. Op naar Porcellus I. Deze werd tijdens de eerste pronkzitting aan het Udense publiek getoond en bleek niemand minder te zijn dan Math Peters. Deze eerste zitting vond plaats op 23 januari 1966. Nu, na al die jaren, zijn de drie zittingsavonden, drie weken voor carnaval, nog steeds een succes. En de elementen van toen zijn voor een groot deel bewaard gebleven.

De gehele geüniformeerde groep moest worden geïnstalleerd. Deze bestond destijds uit: Prins Porcellus I, de Vorst (nu Opperknoeris), Hoge Raad, Raad van Elf en Dansgarde. Tegenwoordig behoren ook de Adjudant, de Hofkapel en het bestuur tot de geüniformeerde groep.